Ik ga op reis en neem mee...

Kamperen doet iedereen op zijn eigen wijze. Wij laten zien hoe de 4 types zich voorbereiden op het slapen in een tent. Welk type herken je? Bij jezelf of in je omgeving? Zoek jij prikkels op, of vermijd je ze juist?

Neutraal

  • Ja, ik ga wel eens kamperen. Lekker in de natuur, dat bevalt me wel.
  • Op zo’n kampeermatje. Ja, niet het meest comfortabele, maar voor die paar nachtjes kan het wel.
  • Gewoon, een slaapshirt.
  • Ja, ik heb wel wat minder uurtjes geslapen door de herrie van dat feestje. Dat was jammer.

Onderprikkeld actief (is actief bezig om meer prikkels te krijgen)

  • Heerlijk! Kamperen! Dat doe ik eigenlijk elke zomer en als het lukt tussendoor ook nog één of twee weekenden.
  • Ik slaap op zo’n dun matje. Dat neemt niet zoveel plek in, in de bagage. En het enige wat het hoeft te doen is isoleren, zodat je geen kou van de grond voelt. Ik slaap als een baby met een volle buik.
  • Ik neem meestal een mooie pyjama mee. Ja, t moet er ook een beetje leuk uitzien wanneer ik er mee naar de wc loop, toch?!
  • Ja, ik hoorde een feestje. Ik ben toen even gaan kijken en kon gezellig aansluiten.

Onderprikkeld passief (is niet bezig om meer prikkels te krijgen)

  • Oh heerlijk, kamperen. Ik doe het helaas niet zo vaak, maar als het er eindelijk van komt geniet ik er van. Ik zou het vaker moeten doen.
  • Helaas was mijn matje lek, was ik vergeten van vorige keer. Nou ja, we lagen op een zacht grasveld, ik heb best goed geslapen hoor.
  • De joggingbroek die ik overdag aan heb, doet prima dienst als pyjama. En een T-shirt. Dat houd ik dan meteen de volgende dag aan.
  • Feestje? Daar heb ik niets van gehoord…

Overprikkeld actief (is zichzelf aan het kalmeren)

  • Kamperen doe ik liever niet. Maar mijn man en kinderen vinden het wel heel erg leuk. Dus heel soms komt het er van.
  • Ik ga niet kamperen zonder luchtbed. Zo’n matje, mij niet gezien. Dan doe ik geen oog dicht. Nee, heerlijk een luchtbed en een echt kussen.
  • En zachte pyjama, flanel. Het kan nog best koud worden ’s nachts in zo’n tentje.
  • Dat feestje heb ik gelukkig niet gehoord. Voor het lawaai heb ik altijd mijn oordopjes mee.

Overprikkeld passief (is zichzelf niet aan het kalmeren)

  • Kamperen? Ik ga wel eens mee met vrienden ja. Zo midden in de natuur, lijkt me heerlijk en ook gezellig natuurlijk!
  • Ik slaap eigenlijk vrijwel niet. Die matjes zijn zó niet comfortabel, het verbaast me dat mensen daar op kunnen slapen. Ik mis ook altijd een behoorlijk kussen.
  • Een dikke pyjama vergeet ik nog wel eens. Dus dan is het toch te koud in mijn slaapshirt en word ik daar wakker van.
  • Die herrie, alsof ze in je tent staan. Ik doe geen oog dicht. En dan weet ik meteen weer waarom hotels zo fijn zijn…